Dankzij de crisis op een zijspoor? Van gekkigheid niet meer weten waar de miljoenen aan te spenderen? Of zin om de cubicle te verruilen voor een spannender werkomgeving? Wall Street bankiers die zich aangesproken voelen kunnen zich opmaken voor een nieuwe baan. Als geheim agent.
Handig gebruik makend van de crisis lanceerde de CIA onlangs een reclamecampagne speciaal voor bankiers. "Economische, financiële en andere geldexperts," vertelt een radiospotje, "als de jacht op het grote geld niet genoeg is, dan heeft de CIA een missie voor u. 'Make a difference in your career and for your nation.'"
Ex-bankiers moeten echter niet denken dat ze ooit in Noord-Korea gedropt zullen worden om het regime omver te gooien. Ook acties om Iran's uraniumcentrifuges op te blazen of verhoorsessies à la Jack Bauer zijn onwaarschijnlijk. Ze worden binnengehaald vanwege hun financiële kennis en opleiding, aldus CIA woordvoerdster Marie Harf. "Nationale veiligheid omvat onderdelen als terrorisme- en drugsbestrijding en het tegengaan van handel in nucleair materiaal. Dat zijn stuk voor stuk gebieden waar we sollicitanten met economische en bancaire achtergronden goed kunnen gebruiken."
De ex-bankiers zullen natuurlijk het meest moeten wennen aan de CIA salarissen. Afhankelijk van hun ervaring betalen de banen die voor hen open staan tussen de $60.000 en $160.000 per jaar. Hij is zich ervan bewust dat het een schijntje is in vergelijking met wat ze vroeger verdienden, zegt CIA recruitment officer Ron Patrick, maar "mensen die hier komen werken willen hun land dienen en dat vereist een andere 'mind set' dan voor de grootst mogelijke winst gaan. Wie die omslag kan maken zal zich bij ons helemaal thuis voelen."
Die instelling alleen is niet voldoende. Geïnteresseerden die vorige week op gesprek werden uitgenodigd - op een geheime locatie, ergens in New York - moeten voordat ze een aanbieding kunnen krijgen ook nog langs de leugendetector. En of de Wall Streeters, die jarenlang volhielden dat het wel verstandig is om hypotheken en leningen te verstrekken aan mensen zonder baan of eigen vermogen, daar doorheen komen is zeer de vraag.
Reuters interview waarin CIA's Ron Patrick de criteria uitlegt -- voor zover hij dat "on camera" kan.
Tuesday, 30 June 2009
Monday, 29 June 2009
Imago inflatie
“And you can take that to the bank.” Er was een tijd dat een Amerikaan echt zeker van zijn zaak was als hij dit zei. Uit onderzoek blijkt dat deze uitspraak dankzij de crisis zijn langste tijd heeft gehad.
Volgens de Gallup enqûete zei slechts 22 procent “a great deal” of “a lot” vertrouwen te hebben in banken. Dit percentage – een diepterecord – is 10 procent minder dan een jaar geleden. Dat was ook al laag, als je bedenkt dat een paar jaar geleden nog bijna de helft van alle ondervraagden “heel veel” of “veel” fiducie zei te hebben in Amerika's banken.
Bekende namen hebben het meest last van de imago inflatie. En dat is niet zo gek. Dag in, dag uit wordt op de voorpagina's en praatprogramma's hun hebberigheid, wanbeleid, schuld aan de crisis en miljarden kostende reddingsplannen behandeld.
Kleinere banken kunnen handig gebruik maken van deze ontwikkeling, aldus Mike O'Toole, president van PJA Advertising + Marketing. Het enige dat zij moeten benadrukken hoe klein ze zijn en hoe dichtbij ze bij hun klanten staan. “You can use community roots in your advertising, showing real bankers with real names.”
Daarnaast is het belangrijk om te vertellen dat “je bij je leest ben gebleven,” en je nooit op die producten hebt gestort waarvan inmiddels bekend is dat ze de crisis ingeluid hebben. “ People are craving common sense and conservatism.”
Tot slot raadt O`Toole banken -groot en klein – af het woord “vertrouwen” te gebruiken in hun communicatie. “There's a huge cynicism about that.” En zolang Amerika in crisis blijft zal dat gevoel voortduren – 'and that you can take to the bank.'
Volgens de Gallup enqûete zei slechts 22 procent “a great deal” of “a lot” vertrouwen te hebben in banken. Dit percentage – een diepterecord – is 10 procent minder dan een jaar geleden. Dat was ook al laag, als je bedenkt dat een paar jaar geleden nog bijna de helft van alle ondervraagden “heel veel” of “veel” fiducie zei te hebben in Amerika's banken.
Bekende namen hebben het meest last van de imago inflatie. En dat is niet zo gek. Dag in, dag uit wordt op de voorpagina's en praatprogramma's hun hebberigheid, wanbeleid, schuld aan de crisis en miljarden kostende reddingsplannen behandeld.
Kleinere banken kunnen handig gebruik maken van deze ontwikkeling, aldus Mike O'Toole, president van PJA Advertising + Marketing. Het enige dat zij moeten benadrukken hoe klein ze zijn en hoe dichtbij ze bij hun klanten staan. “You can use community roots in your advertising, showing real bankers with real names.”
Daarnaast is het belangrijk om te vertellen dat “je bij je leest ben gebleven,” en je nooit op die producten hebt gestort waarvan inmiddels bekend is dat ze de crisis ingeluid hebben. “ People are craving common sense and conservatism.”
Tot slot raadt O`Toole banken -groot en klein – af het woord “vertrouwen” te gebruiken in hun communicatie. “There's a huge cynicism about that.” En zolang Amerika in crisis blijft zal dat gevoel voortduren – 'and that you can take to the bank.'
Thursday, 25 June 2009
Waar staat Europa in Iran?
De EU is niet van plan de bestaande strafmaatregelen tegen Iran uit te breiden uit angst vooral de burgerbevolking te treffen. Wel heeft EU-voorzitter Tsjechië de lidstaten gevraagd de vertegenwoordigers van Iran in hun land ter verantwoording te roepen. Dit zei staatssecretaris Frans Timmermans van Europese Zaken maandag tijdens een debat over de Europese top vorige week in Brussel.
Europa gaat met dit besluit haar verantwoordelijkheid uit de weg en zal vriend noch vijand overtuigen van haar bedoelingen.
Wat er op dit moment in de straten van Teheran gebeurt is ongekend. Welke kant het opgaat is niet te voorspellen maar zeker is dat het een ommekeer in Iran's politiek zal betekenen. Door op dezelfde manier te reageren als altijd – ambassadeurs op het matje roepen, protest aantekenen en schande spreken – doet Europa de historische betekenis van de massaprotesten tekort.
President Obama wil zich logischerwijs niet bemoeien met de uitkomst van de verkiezingen. Na 30 jaar diplomatieke radiostilte, over en weer beschuldigingen en Amerika's blunders in buurland Irak moet de VS iedere schijn van inmenging vermijden. Zo wordt voorkomen dat het regime de rijen kan sluiten tegen de “Great Satan.” Ook moet Obama armslag houden. Lopen de protesten op niets uit dan moet hij alsnog met Ahmadinejad's regering Iran's atoomprogramma bespreken. Door die leegte te vullen kan de EU laten zien dat Obama's buitenlandse politiek met meer dan alleen woorden ondersteund wordt.
Het is derhalve zaak dat Europa zo snel mogelijk de diplomatieke betrekkingen met Iran bevriest. Het is een niet mis te verstaan signaal dat geweld tegen vreedzame demonstranten scherp veroordeeld wordt; het zal het Iraanse volk een hart onder de riem steken; en het kan de interne verdeeldheid binnen het regime verder aanwakkeren.
De Europese minister van Buitenlandse Zaken komen dit weekend bijeen voor een vergadering van de Organisatie voor Veiligheid en Samenwerking in Europa. Hier kan besloten worden om per direct alle 27 ambassadeurs terug te roepen en alle Europese ambassades te sluiten. Het tijdelijk opgeven van 'ogen en oren' maakt de impact van dit besluit ruimschoots goed. Daarnaast blijft de 'Twitter revolutie' online beschikbaar.
Voordat dit – of enig ander – besluit genomen kan worden is het zaak dat Europa duidelijkheid schept waar men met Iran heen wil. Voor Nederland is de topprioriteit dat meer geweld voor de bevolking wordt voorkomen en en dat alle politieke krachten in Iran zich kunnen vinden in de verkiezingsuitslag. Dat lukt alleen als de demonstranten naar huis gaan en zich neerleggen bij de grillen van een 'democratie' die 30 procent van de kandidaten bij voorbaat uitsluit van deelname aan verkiezingen en geen ruimte biedt voor gelijke rechten en persvrijheid. En dat het einde van de protesten het einde van het geweld betekent is onwaarschijnlijk; het zal buiten het zicht voortduren.
Wil men daadwerkelijke verandering, dan kan Europa, nu alle ingrediënten daartoe aanwezig lijken te zijn, niet langs de lijn blijven staan. De protesten bieden daarvoor een te goede gelegenheid om de eigen onderdanen, de VS maar vooral het Iraanse volk duidelijk te maken waar Europa voor staat.
Europa gaat met dit besluit haar verantwoordelijkheid uit de weg en zal vriend noch vijand overtuigen van haar bedoelingen.
Wat er op dit moment in de straten van Teheran gebeurt is ongekend. Welke kant het opgaat is niet te voorspellen maar zeker is dat het een ommekeer in Iran's politiek zal betekenen. Door op dezelfde manier te reageren als altijd – ambassadeurs op het matje roepen, protest aantekenen en schande spreken – doet Europa de historische betekenis van de massaprotesten tekort.
President Obama wil zich logischerwijs niet bemoeien met de uitkomst van de verkiezingen. Na 30 jaar diplomatieke radiostilte, over en weer beschuldigingen en Amerika's blunders in buurland Irak moet de VS iedere schijn van inmenging vermijden. Zo wordt voorkomen dat het regime de rijen kan sluiten tegen de “Great Satan.” Ook moet Obama armslag houden. Lopen de protesten op niets uit dan moet hij alsnog met Ahmadinejad's regering Iran's atoomprogramma bespreken. Door die leegte te vullen kan de EU laten zien dat Obama's buitenlandse politiek met meer dan alleen woorden ondersteund wordt.
Het is derhalve zaak dat Europa zo snel mogelijk de diplomatieke betrekkingen met Iran bevriest. Het is een niet mis te verstaan signaal dat geweld tegen vreedzame demonstranten scherp veroordeeld wordt; het zal het Iraanse volk een hart onder de riem steken; en het kan de interne verdeeldheid binnen het regime verder aanwakkeren.
De Europese minister van Buitenlandse Zaken komen dit weekend bijeen voor een vergadering van de Organisatie voor Veiligheid en Samenwerking in Europa. Hier kan besloten worden om per direct alle 27 ambassadeurs terug te roepen en alle Europese ambassades te sluiten. Het tijdelijk opgeven van 'ogen en oren' maakt de impact van dit besluit ruimschoots goed. Daarnaast blijft de 'Twitter revolutie' online beschikbaar.
Voordat dit – of enig ander – besluit genomen kan worden is het zaak dat Europa duidelijkheid schept waar men met Iran heen wil. Voor Nederland is de topprioriteit dat meer geweld voor de bevolking wordt voorkomen en en dat alle politieke krachten in Iran zich kunnen vinden in de verkiezingsuitslag. Dat lukt alleen als de demonstranten naar huis gaan en zich neerleggen bij de grillen van een 'democratie' die 30 procent van de kandidaten bij voorbaat uitsluit van deelname aan verkiezingen en geen ruimte biedt voor gelijke rechten en persvrijheid. En dat het einde van de protesten het einde van het geweld betekent is onwaarschijnlijk; het zal buiten het zicht voortduren.
Wil men daadwerkelijke verandering, dan kan Europa, nu alle ingrediënten daartoe aanwezig lijken te zijn, niet langs de lijn blijven staan. De protesten bieden daarvoor een te goede gelegenheid om de eigen onderdanen, de VS maar vooral het Iraanse volk duidelijk te maken waar Europa voor staat.
Subscribe to:
Posts (Atom)